abstracte kunst in de vorm van citaten en uitspraken van kunstenaars uit de abstracte kunst en het abstract-expressionisme: een kunstgeschiedenis in citaten. Het zijn citaten en uitspraken van kunstenaars, bruikbaar voor teksten en werkstukken en spreekbeurten voor scholieren binnen het CKV-onderwijs of het kunstzinnige vorming of onderwijs binnen het CKV en van het hovo. De teksten geven bronnenmateriaal voor gebruik als lesmateriaal binnen de kunstvakken, of voor spreekbeurten, er komen nog afbeeldingen, en er zijn veel links voor gebruik binnen het c.k.v-onderwijs, zowel ckv 1, ckv 2 en ckv 3, of voor lbo, mavo, maar ook goed bruikbaar voor scholieren van het vmbo, de havo, of het vwo. Dit bestand van citaten van de abstracte kunst is zinnig voor kunstgeschiedenis en het kunst-onderwijs, culturele of educatieve vorming, zowel voor leerlingen, studenten als voor docenten en leraren aan het middelbaar onderwijs en van culturele centra of kunstgeschienis binnen het Hovobo-onderwijs
Handleiding voor dit citatenbestand
Citaten en uitspraken van de kunstenaars uit 90 jaar abstracte kunst staan hier per kunstenaar gegroepeerd. Het bestand is o.a. goed bruikbaar voor werkstukken voor het CKV of voor kunstgeschiedenis.
De kunstenaars staan op achternaam alfabetisch gerangschikt. Als je op de kunstenaar klikt wordt meteen duidelijk hoeveel citaten er zijn..
Onder de citaten staan vaak links naar verwante teksten op 'Dekunsten' of op andere websites die volgens ons interessant zijn als aanvulling. De CKV-links zijn bedoeld om voor kunstgeschiedenis of CKV teksten online te vinden die met elkaar samenhangen. Deze links zijn ook erg interessant voor de gewone kunstgeïnteresseerde, om op een onderwerp door te zoeken.
We werken er de komende tijd aan om bij de citaten enkele afbeeldingen van het werk van de kunstenaar te plaatsen, maar dat is lange termijnwerk. Het aantal kunstenaars en de citaten wordt voortdurend uitgebreid.
De volgende kunstenaars zijn tot nog toe in het bestand opgenomen, het wordt echter voordurend uitgebreid en afbeeldingen en illustraties worden toegevoegd:
Josef Albers, Aleschinsky, Armando, Gerrit Benner, Bissière, Bram Bogart, Brancusi, Eugène Brands, Braque, Cézanne, Jan Cremer, Delaunay, Theo van Doesburg, Edgar Fernhout, Fontana, Sam Francis, Juan Gris, Guston, Arshile Gorky, Gottlieb, Kandinsky, Kelly, Kirkeby, Klee, Yves Klein, Franz Kline, Rob van Koningsbruggen, Willem de Kooning, Jonathan Lasker, Leger, Franz, Marc, Masson, El Lissitsky, Klein, Manzoni, Henri Matisse, Kasimir Malevich, Lei Molin, Piet Mondriaan, Henry Moore, Robert Motherwell, Jaap Nanninga, Wilhelm Nay, Barnett Newman, Wim Oepts, Pieter Ouborg, Avery Peesman, Henk Peters, Picasso, Otto Piene, Pollock, Robert Rauscheberg, Man Ray, Ad Reinhardt, Mark Rothko, Jan Schoonhoven, Seuphor, Sevranckx, Soulages, de Staël, Tapiès, Vantongerloo, Bram van Velde, Jaap Wagemaker, Fritz Wotruba
Voor suggesties en voor correcties, aanvullingen of opmerkingen, juist ook om dit citatenbestand beter bruikbaar te maken voor CKV en kunstgeschienis, houd ik me sterk aanbevolen. Mail ze me alsjeblieft.
Waarom dit citatenbestand is gemaakt
>door Fons Heijnsbroek.
De abstracte kunst zie ik als het achterland van mijn eigen schilderen als kunstenaar.. Dit is voor mij niet altijd een vanzelfsprekende zaak geweest, omdat mijn eerste dus grootste schilderliefde bij de (klassieke) landschapschilders lag en eigenlijk nog steeds ligt. Namen als Corot, Daubigny, Bonnington of Constable, Gerard Bilders of Philip Coninc, Hobbema en Seeghers laten mijn hart sneller kloppen. De rij is nog lang niet compleet
De vanzelfsprekendheid waarmee ik me al jong met de landschapschilderkunst verbond heb ik nooit gekend naar het abstracte schilderen. In mijn ogen is de ontwikkeling van de abstracte kunst in haar wezen altijd een geforceerde ontwikkeling geweest die haar voortbrengselen ook als zodanig heeft beïnvloed. Maar het is niet niks geweest om in een bestek van twintig jaar een abstracte beeldtaal uit de grond te willen stampen vanuit het volstrekte niets. Ik gebruik expres deze woorden omdat ze voor mij bijna letterlijk die mentale krachtsinspanning en haar kunstproductie beschrijven die vanaf 1910 werd ondernomen door veel uiteenlopende kunstenaars in Europa, in Rusland, Zuid Duitsland, Nederland, Parijs, België
Om uit het Niets met mensenhanden iets weg te (mogen) halen wat ook nog iets zegt over het Niets, daar is voor betaald. Wij mensen verdragen het Niets erg lastig en zijn daarom gedwongen snel een brug te bouwen in mensentaal. In het gezicht van het niets kunnen we maar even kijken. Veel kunstenaars hebben hun roekeloze sprong slechts overleefd door zo snel mogelijk tot een hecht doortimmerde nieuwe beeldtaal te komen, begeleid en onderschraagd met door dogma, religie en theorie. Anderen schuifelden voetje voor voetje op met veel tussentijds verslag. Maar de geboorte van de abstracte beeldtaal is overwegend radicaal gegaan en had binnen twintig jaar een hoogst solide karakter gevormd die haar eigen voeding en bron bijna wurgde.
Ik ben er langzaam aan van overtuigd geraakt dat de abstracte kunst haar levenspotentiëel heeft kunnen behouden door het ontstaan van een tweede abstracte golf. Kort voor W.O. 2 begonnen kunstenaars nieuwe bronnen aan te spreken of toe te laten van waaruit nieuwe abstracte beeldtaal kon ontstaan. Zo werd de surrealistische vinding van het 'automatische schrift' de abstracte kunst binnengehaald waardoor het 'onbewuste' ook hier haar beeldtaal kon ontvouwen. Maar andere kunstenaars ontdekten opnieuw of voor het eerst het landschap, het stilleven of zelfs het gezicht als bron van of als handreiking tot abstract schildertaal. Veel kunstenaars uit deze periode realiseerden zich dat de eigen doorleefde subjectiviteit zijn plaats moest krijgen binnen de abstracte kunst wilde zij niet tot doodse objectiviteit vervallen of tot herhalende plaatjesmakerij van mystieke symbolen.
De tweede golf van de abstracte kunst kende veel minder die uitgesproken dogmatische, theorethische begeleiding in tekst en woord. De tweede golf lijkt zich te hebben samengestuwd rond de individuele ervaring. Er lag minder de nadruk op het kunstwerk zelf, des te meer op wat het kunstwerk doet naar de kunstenaar die haar maakt en naar de kijker die haar beleeft. Natuurlijk werd ook hier gecanonniseerd, o.a. door de oudere kunstenaars van de eerste golf zoals een Albers en andere Bauhaus-adepten, en de dogma's uit de eerste golf werden ook dankbaar gebruikt door de nieuwe dogmatici van 'het platte vlak, een ilussie die zelfs in haar hoogtepunt, de 'hard edge' zich niet tot werkelijkheid heeft kunnen maken. Het gebod van het platte vlak in de abstracte kunst heeft twee kanten. Zij vormde een zwaartekrachtspunt -met name door haar dogmatisering- die in staat was om de vele gevarieerde orientraties in en rond de abstracte kunst bijeen te houden en hen een identiteit te geven. Kunstenaars konden zich aan haar profileren. De prijs hiervoor was haar vernietiging van de ruimte in de abstracte schilderkunst, zowel mentaal als zichtbaar, in de kunstproductie zelf. In het tijdperk waarin de ruimte, de diepte werd ontdekt en betreden, werd zij verbannen in de beeldtaal. Vier eeuwen van voorbereiding werden genegeerd.
Het gaat me hier niet om het kort door de bocht typeren van kunst of kunstenaars, maar om het aanduiden van de tegengestelde en veelsoortige krachten waarin en waarmee de abstracte kunst zich heeft moeten ontwikkelen.
De citaten van de aangehaalde kunstenaars illustreren, nee, ze zijn het zoeken en het denken binnen de abstracte kunst, zoals dat zichtbaar door hen in beeld wordt gebracht, en in woord en theorie wordt uitgewisseld, ontkend of gecanoniseerd.
Het kan daardoor niet anders zijn dat ik als abstract kunstenaar een haat-liefdeverhouding hebt ten opzichte van mijn achterland, de abstracte kunst. Ik heb lang geaarzeld heb om haar ook gevoelsmatig als mijn achterland te erkennen. Ik zag Lange tijd vooral het dodende aspect van de abstracte kunst en onderkende te weinig haar weerbaarheid daartegen, terwijl de bewijzen overvloedig om me heen lagen en hingen.
Met het erkennen van mijn achterland realiseer ik me dat de werkelijkheid zo immers werkt: in krachten en tegenkrachten. Daardoor is zij ongemeen boeiend en vitaal. De natuur zelf doet het niet anders met haar jaargetijden.
Het pleit voor het levenspotentiëel binnen de abstracte kunst dat ze aar verleden kan accepteren als de traditie van zichzelf en tegelijkertijd het innerlijke élan bezit om de begrenzingen uit haar verleden zelf te ondermijnen, waardoor ze kan groeien. Beide krachten doen haar bestaan. Ik realiseer me dat de dogma's binnen de abstracte kunst haar hebben bijeengehouden; het zijn en waren centrifugale krachten. Zonder hen was zij versplinterd en uiteengevallen tot onherkenbaar identiteitsloos gruis. Tegelijkertijd vereist zij de moed om haar intuïtieve kracht te accepteren, die de dogma's kan doorbreken.
Ik vind het een uitdaging om hier de ontwikkelingen binnen de abstracte kunst te laten zien, samen met de vele posities die zich in haar voordoen, en deze te schetsen aan de hand van citaten en uitspraken van de kunstenaars zelf. Ik handhaaf daarmee mijn enigszins naïeve illusie dat ik zo dichter bij de bron blijf van het ontstaan en de ontwikkeling van de abstracte beeldtaal zelf. Een illusie, omdat de kunstenaars zich natuurlijk bedienden van algemene inzichten zoals ieder mens dat doet en moet doen. Zij beoordeelden deze inzichten met de intentie om ze praktisch bruikbaar te maken in hun productie van beeld.
Ik zie de hier verzamelde citaten en uitspraken als een ode aan de abstracte kunstenaars en aan hun inspanningen om nieuwe werkelijkheid te scheppen. Ze droegen en dragen zo hun steentje bij binnen de totale menselijke ontwikkeling.
Binnen enkele honderden jaren zijn de eerste mensen op weg naar de dichtst bijzijnde sterren. De mensheid zal met deze stap mentaal een enorme confrontatie ondergaan omdat de zwaarte en de leegte en de onmetelijkheid van het heelal voor het eerst met een praktische intentie gaat binnenkomen in ons bewustzijn. Op de langere termijn zal de mensheid steeds sterker mentaal en fysiek de kracht en de inwerking van de kosmos moeten weerstaan, wil ze zich verder in haar nestelen. Ik heb het voorgevoel dat de abstracte beeldtaal in de kunst een soort mentale voorbereiding is op deze komende krachtsinspanning. Niet voor niets waren er veel kunstenaars in de abstracte kunst die de relatie met de ruimte en ruimtelijkheid sterk benadrukten. De meest gedrevene was natuurlijk Malevich die mentaal het aardse fysieke bestaan inruilde voor de roep vanuit de kosmos en de taak van de mensheid naar haar toe.
Een bijzondere eigenschap van de abstracte kunst is dat ze praktisch is: toegepast in haar beeldtaal zelf. Een idee, een ingeving, inval, dogma moet, wil ze kunst worden, eerst tot beeld komen, en met name in de abstracte kunst wordt zij niet snel afgebogen naar een al bestaande betekenis. Zij kan eerst een tijdje haar vrije val behouden en zich laten botsen tegen het onbekende. Zo zal ook het tegemoet treden van de kosmos praktisch plaatsvinden; ze moet zich verstaan met grote onbekendheid en onzichtbaarheid. Ze kan zich niet mentaal voorbereiden worden met christendom, boeddhisme, filosofie of verwante gebieden van denken of geloven.
De confrontatie met de kosmos zal allereerst een mentale en emotionele ervaring zijn en gerealiseerd moeten worden in praktisch handelen. Daar liggen in mijn ogen de parallellen met de inwerkingen van de abstracte kunst die nu al enige decennia maatschappelijk werkzaam zijn. Want welke mens uit 1920 zou de weg kunnen vinden in een modern station, op onze autoweg of op het Internet zonder de abstracte beeldtaal die ons al tientallen jaren omringt en die we gedurende tachtig jaar hebben leren lezen, o.a. door de inwerking van de abstracte kunst. Het is een verleidelijk en voor de hand liggend voorbeeld op praktisch niveau, veel gemakkelijker aan te duiden dan de mentale inwerkingen van onbekende ruimteoriëntaties, het kunnen verdragen van onzichtbare zaken etc. Ons denken zelf zal zich moeten laten ondermijnen. Met hoeveel druppels is een golf een golf? Een snaar een snaar? Vanaf welke plek kan je zeggen 'golf' Ook binnen de golf?